Van medebewoner tot medehuurder

8 februari 2016 – Als echtgenoot of geregistreerd partner van de huurder bent u automatisch medehuurder, zolang u in dezelfde woning woont. Bij vertrek van de huurder wordt de medehuurder automatisch de huurder. Dit geldt ook als het huwelijk of geregistreerde partnerschap is gesloten na het ingaan van de huurovereenkomst. Maar geldt dit ook voor de relatie tussen ouders en hun inwonende kinderen? En hoe kan je een medehuurder worden? Dat zijn de vragen die in dit artikel worden besproken.

Verschil medehuurder en medebewoner

Degene die samenwoont met de huurder, wordt niet van rechtswege medehuurder, zoals een echtgenoot. Wel heeft een samenwoner bij overlijden van de huurder het recht om de huur ten minste zes maanden voort te zetten, waarbij de rechter zo nodig de termijn kan verlengen. Vereist is wel dat hij wordt aangemerkt als ‘medebewoner’. Daarmee wordt bedoeld de persoon die in de door de huurder gehuurde woning zijn hoofdverblijf heeft en met de huurder een duurzame gemeenschappelijke huidhouding voert. Als medebewoner heeft u dus lang niet even veel rechten vergeleken met iemand die een medehuurder is. Als medehuurder krijgt u zogenoemde ‘huurrechten’. Dit betekent dat u dan dezelfde rechten en plichten als de hoofdhuurder krijgt.

Gemeenschappelijke huishouding

Indien u andere huisgenoten heeft, zijn zij dus niet automatisch medehuurder. Bijvoorbeeld partners die samenwonen maar niet getrouwd zijn en geen geregistreerd partnerschap hebben. Om dat wel te worden moeten ze een verzoek bij de verhuurder indienen om medehuurder te worden. Voorwaarde is dat u een duurzame gemeenschappelijke huishouding voert. Een logé, onderhuurder of pensiongast kan dus geen medehuurder worden.

Inwonende kinderen

Inden een kind samen woont met zijn ouders is het dus van belang om te weten of er sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Als dit niet het geval is dan voldoet het kind niet aan de vereiste om medehuurder te worden.

Meestal gaan kinderen na verloop van tijd het huis uit. Daarom wordt bij inwonende volwassen kinderen geen duurzame gemeenschappelijke huishouding met de huurder verondersteld en kunnen zij geen medehuurder worden. Voor inwonende opgroeiende kinderen heeft de Hoge Raad ook als regel vooropgesteld, dat die niet een duurzame gemeenschappelijke huishouding met hun ouders hebben (en daarom niet voor medehuurderschap in aanmerking komen).

Wel zijn er gevallen waar er voor inwonende kinderen sprake kan zijn van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Woont een volwassen kind bij de ouder of ouders in om deze te verzorgen? Dan wordt soms wel aangenomen dat er sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Een ander voorbeeld kan zijn; een zoon van 26 jaar die besluit met zijn vriendin, met wie hij vijf jaar samenwoont, om bij zijn vader in te trekken. Volgens de Hoge Raad is dit na enkele jaren als duurzame gemeenschappelijke huishouding aan te merken.

Een verzoek tot medehuurderschap bij de verhuurder is in de bovengenoemde situaties dan wel mogelijk.

Voorwaarden om medehuurder te worden

Als u meent dat uw situatie wordt beschouwd als een duurzame gemeenschappelijke huishouding, dan kunt u altijd een verzoek indienen bij de verhuurder om medehuurder te worden. Medehuurderschap is wettelijk af te dwingen, als u voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • de woning is al minimaal 2 jaar uw hoofdverblijf en u heeft daar al die tijd een ‘duurzame gemeenschappelijke huishouding’ met de hoofdhuurder gehad;
  • u moet zelfstandig de huur kunnen opbrengen;
  • u wilt geen medehuurder worden om op korte termijn zelf hoofdhuurder te worden, bijvoorbeeld omdat u weet dat de huidige hoofdhuurder verhuisplannen heeft.

Toekenning via de kantonrechter

Voldoet u aan deze 3 voorwaarden, dan kunt u de verhuurder vragen om u als medehuurder te erkennen. Gaat de verhuurder schriftelijk akkoord? Dan bent u medehuurder. Gaat de verhuurder niet binnen 3 maanden schriftelijk akkoord met uw verzoek om medehuurder te worden? Dan kunt u de kantonrechter  vragen om u het medehuurderschap toe te kennen. De rechter toetst dan of u aan de voorwaarden voor medehuur voldoet. Desgewenst kunnen wij u hierbij bijstaan. Zodra het verzoek tot medehuurderschap is gedaan, mag de verhuurder de huurovereenkomst niet om die reden opzeggen. Ook niet als er in het huurcontract een samenwoonverbod is opgenomen.

Contact

Dr. Lelykade 12 B

2583 CM Den Haag

Over ons

Van der Zwan Advocaten is een advocatenkantoor in Den Haag dat is gespecialiseerd in aansprakelijkheid, verzekeringen en letselschade.